Tagarchief: Xenomorph

Recensie: Alien 3 (David Fincher)

In 1992 werd er in het City theater in Amsterdam een Alien-nacht georganiseerd ter ere van het uitkomen van Alien 3. Alle drie de Alien films werden achter elkaar vertoond. Ik had Alien (1979) en Aliens (1986) al vaker gezien op VHS, maar nog nooit op groot scherm. Wat ik me nog goed kan herinneren van die nacht is dat het derde deel, in vergelijking met de eerste delen, tegenviel. Ik heb de toenmalige trilogie daarna nog meerdere keren gekeken, maar toch ging mijn voorkeur altijd uit naar de eerste twee delen. Ook toen daar later daar nog Alien: Resurrection (1997) bij kwam. Voor deze recensie heb ik voor de verandering de Assembly Cut van Alien 3 gezien.

Plot: Alien 3 sluit naadloos aan op de gebeurtenissen uit Aliens. Ripley (Sigourney Weaver), Hicks, Newt en Bishop zijn ontsnapt en liggen nu in hyperslaap. De computer besluit de shuttle de ruimte in te schieten als er aan boord van het ruimteschip om onbekende reden brand uit breekt. De shuttle stort neer op Fiorina 161, een gevangenisplaneet van het bedrijf Weyland-Yutani. Alleen Ripley overleeft de landing. Op de planeet wonen alleen maar mannen, die een soort religieuze gemeenschap hebben gevormd. Een vrouw zorgt alleen maar voor onrust. Ripley maakt kennis met gevangenisdokter Clemens en probeert erachter te komen hoe het ruimteschip is neergestort. Aan boord van de shuttle is ook een facehugger meegekomen, die een os als gastheer gebruikt en uiteindelijk uit het karkas kruipt. Het duurt niet lang voordat de eerste gevangen slachtoffer worden van de Xenomorph. Ripley vertrouwt het niet en komt uiteindelijk met de Alien oog in oog te staan, maar het beest laat haar met rust. Waarom heeft het beest haar niet verscheurd en hoe kunnen gevangenen de loslopende Alien doden? Ondertussen is een speciaal onderzoeksteam van Weyland-Yutani op weg naar de gevangenisplaneet en komt Ripley voor een onmogelijke keuze te staan.

De bioscoopversie uit 1992 is geregisseerd door de toen nog onbekende David Fincher (Se7en, Zodiac en Gone Girl). Fincher heeft het tijdens de productie erg moeilijk gehad met de bemoeienissen van de studio. In 2003 werden de vier Alien-regisseurs gevraagd om een alternatieve versie van hun film te maken, maar Fincher bedankte hiervoor. De Assembly Cut is uiteindelijk met 25 minuten extra materiaal in elkaar gezet door Charles de Lauzirika. Hij gebruikte hiervoor de originele aantekeningen van de regisseur.

Het was overigens de eerste keer dat ik de alternatieve versie van Alien 3 heb gezien. Deze versie bestaat niet alleen uit toegevoegde scenes, maar de hele opbouw van de film is anders. Bepaalde scènes uit het origineel zijn verwijderd en nieuwe scènes zijn toegevoegd, zoals de geboorte van de Xenomorph. In de originele film slingerde de facehugger zich om een hond. In de alternatieve versie is dit een os. In de originele versie wordt de Xenomorph niet gevangen genomen, maar in Assembly Cut wel. De grootste verandering vond ik het einde. Met de bioscoopversie in mijn hoofd begon ik even aan mezelf te twijfelen toen ik het alternatieve einde zag.

De makers hebben geprobeerd om aan het derde deel een originele draai te geven, net zoals James Cameron dat had gedaan met zijn Aliens. Het pakte alleen bij hem een stuk beter uit dan bij David Fincher. De film mist het dreigende gevoel dat ik bij de eerste films wel had. In Alien 3 komt dit slechts een enkele keer voor, bijvoorbeeld als de Xenomorph langzaam bij Ripley in de buurt komt. Er is ook veel gebruik gemaakt van CGI in plaats van praktische effecten en dat is duidelijk te zien. De film is voor het grootste gedeelte opgenomen in Engeland en dat verklaart ook waarom de meeste gevangen een dik Engels accent hebben. Hier moest ik wel even aan wennen. Samen met de problemen op de set en het gesleutel aan de film zijn dit toch wel de belangrijkste redenen waarom Alien 3 een stuk minder is geworden.

Toch was het leuk om de Assembly Cut te kijken. Het is de eerste film uit de reeks waarin Ripley echt centraal staat. Hoe je het ook wendt of keert, Alien 3 maakt onderdeel uit van een van de meest populaire science fiction franchises ooit.

Recensie: Alien (Ridley Scott)

In 1979 leverde regisseur Ridley Scott een meesterwerk af met deze beklemmende science fiction horror, die ons introduceerde aan misschien wel het engste filmmonster ooit: de Xenomorph. It’s Only a Movie deelt niet vaak een perfecte score uit, maar Alien verdient die dubbel en dwars.

Plot: De bemanning van een intergalactisch vrachtschip ontdekt op een onbewoonde planeet een ruimteschip dat een noodsignaal uitzendt. Crewleden Kane, Lambert en Dallas gaan aan boord van het onbekende schip en Kane vindt in de catacomben een onbekend organisme dat zich meteen aan zijn gezicht vasthecht. Niet lang daarna baart hij een verschrikkelijk monster dat systematisch jacht maakt op de doodsbange crewleden.

Er zijn maar weinig films die twee genres tot in perfectie met elkaar kunnen samenvoegen. The Terminator, bijvoorbeeld, is een van de weinige films die actie en science fiction naadloos met elkaar vermengt. Nergens geforceerd, sterker nog, de genres complementeren elkaar. Hetzelfde kan gezegd worden over Alien. Ik kan mij geen film bedenken die horror en science fiction beter met elkaar combineert. De ruimte wordt teruggebracht tot een setting die kil, benauwend en vooral claustrofobisch aanvoelt. Mooiste voorbeeld hiervan is de scène waarin de crew aankomt op de planeet die ze moeten onderzoeken. Nog nooit heb ik een atmosfeer meegemaakt die zo dreigend aandoet. Wat een fantastische scène is dit. Het moment dat we dat vreemde, hoefvormige vaartuig zien liggen, geniaal!

De Nostromo, met haar nauwe gangen en klinische look is voor de rest van de film de perfecte basis voor deze ‘horror in de ruimte’. Een betere omschrijving bestaat niet. Zodra de ‘facehuggers’ hun intrede doen, beleeft de crew een jachtpartij waar geen ruimte is voor heroïek of iets dergelijks. Nee, zij zijn redelijk kansloos tegen een entiteit die geen moment aan dreiging verliest. Scott weet de spanning perfect op te bouwen, grotendeels te danken aan het verhaal van o.a. Dan O’Bannon, die eerder samen met John Carpenter Dark Star maakte.  Nooit wordt er teveel laten zien van de Xenomorph. Het monster lurkt in het donker, wachtend op het juiste moment om toe te slaan.

Hierbij komen we aan bij het sterkste en meest memorabele aspect van Alien, de Xenomorph. Scott heeft zelf voor het design van o.a. de ruimteschepen- en pakken gezorgd, zwaar geïnspireerd door 2001: A Space Odyssey en Star Wars, maar voor het design van het monster richtte hij zich tot de Zwitser H.R. Giger. Wat Giger hier neerzet is van ongekende klasse. We hebben gewoon met een man in pak te maken (de 2.08 meter lange Nigeriaan Bolaji Badejo), maar de Xenomorph is niet voor niets uitgegroeid tot een van de meest populaire filmmonsters ooit.

Laten we vooral de muziek van Jerry Goldsmith ook niet vergeten. Al in de eerste scène zet die een bevreemdende sfeer neer, die de rest van de film aanhoudt. Goldsmith keerde nog terug voor het vervolg, Aliens, net als Sigourney Weaver. James Cameron regisseerde en maakte wellicht het beste vervolg ooit. Maar daarover een andere keer meer.