Tagarchief: Vinegar Syndrome

Blades (Thomas R. Rondinella) – Vinegar Syndrome

Jaws (1975) staat in het Guinness Book of Records te boek als eerste officiële blockbuster. Een term die aangeeft dat een film zo succesvol is dat het naast een gigantische hoeveelheid geld ook lange rijen die hele huizenblokken beslaan opbrengt. Dat succes bleef natuurlijk niet onopgemerkt en bracht een hele rij horrorfilms op open water als Piranha, Alligator en Orca. Ook de formule werd naarstig bewerkt. Films als Tremors (Jaws in het zand), Alien (Jaws in space), Grizzly (Jaws in het bos) maar ook een film als His House (Jaws in een huis) heeft een fiks deel aan de film van Steven Spielberg te danken. En dan is er Blades, een film over een bezeten grasmaaier die de golfbaan van de Tall Grass Country Club onveilig maakt. De film werd destijds door Troma opgepikt en is nuvan de vergetelheid gered door Vinegar Syndrome. Het label maakt zich hard voor films die bijna in de vergetelheid geraken en lapt ze zelfs op met een 2k remaster.

Plot: Op de Tall Grass Country Club kunnen de leden rekenen op luxe. Op het gebied van recreatie en sport kunnen de rijken hun hart ophalen en dit jaar komt er een professioneel toernooi dat zelfs op de nationale televisie uitgezonden gaat worden. Norman, de eigenaar heeft speciaal voor de gelegenheid Roy aangenomen als resident pro golfer. Roy was een veelbelovende broodgolfer tot hij zijn zenuwen niet kon bedwingen en nu aan de drank zit. Kelly verwachte dit baantje echter te krijgen en zit hiermee behoorlijk in haar maag. Als er ineens twee tieners in stukken worden teruggevonden bij hole 13 moeten ze hun problemen opzij zetten om de dader te vinden. Norman en de sheriff proberen echter enige vorm van slechte publiciteit te vermijden…

Blades is een Jaws parodie en dat blijkt al snel. Dezelfde verhaallijn wordt gevolgd en sommige scènes zijn bijna een op een overgenomen. Zo hebben we de “You knew” klap in het gezicht maar ook wordt er een grasmaaier aangewezen als schuldige. Roy vermoedt dat het niet klopt omdat de messen twee keer zo groot zouden moeten zijn. In een scène hangt de maaier op en snijdt Roy de zak open om te kijken of er naast gras ook ledematen inzitten. Klinkt bekend, toch? Uiteindelijk gaan de twee met een Deke, een chagrijnige oude tuinman van de club, op jacht. Deke heeft namelijk een verleden met de maaier.

Naast Jaws passeren er wel enkele andere films de revue. Zo zien we een man met een hockeymasker die luistert naar de naam Jason en doen sommige passages behoorlijk aan Caddyshack denken. Al is het door het budget misschien meer Caddyshack deel II. Toch werkt de flauwe humor wel. Mede door de ontzettend serieuze gezichten van de acteurs krijgt het geheel een dusdanig absurde sfeer dat het me verbaast dat deze film niet vaker in een adem genoemd wordt met bijvoorbeeld Troll 2. Maar misschien dat Vinegar Syndrome hier verandering in weet te brengen.

Ik heb Blades nooit eerder gezien dus over de kwaliteit van deze Blu-ray kan ik niets zeggen. Wat ik wel kan zeggen is dat de 2k scan er scherp uitziet. De kleuren zijn helder en de grain die we zien dragen toe aan de sfeer van de film. Het geluid in stereo is perfect te horen al is het achtergrond geluid heel af en toe te aanwezig en verdrijft het de dialoog een beetje. Mocht je nog iets meer willen weten over de film is er een commentaartrack met de schrijver en de regisseur en een making of documentaire die in een half uur duidelijk maakt hoe iets als Blades ooit gemaakt heeft kunnen worden.

Devil Story (Vinegar Syndrome) – Franse weirdness

Soms heb je wel eens zo’n film waar je niet precies weet wat je er nu van moet vinden. Je ziet dat hij niet goed in elkaar zit, maar toch heeft hij een soort vreemde hypnotiserende werking op je. Het kleine beetje plot wat er is lijkt wel geschreven door zes verschillende kleuterklassen die van elkaar niet wisten wat ze aan het doen waren en van enig budget lijkt geen sprake. Toch blijf je gebiologeerd kijken naar wat zich voor je op het scherm ontvouwt. Devil Story is zo’n film. Door mijn fascinatie met dit soort films door de jaren heen dacht ik de meeste titels toch wel te kennen, al is het alleen maar van naam en dubieuze faam. Maar Devil Story is er eentje die slechts mondjesmaat zijn weg buiten Frankrijk heeft gevonden. Tot Vinegar Syndrome het tijd vond deze film te redden van de vergetelheid.

Een kleine poging tot een uitleg van de plot: een misvormde man in een nazi uniform moordt zonder scrupules iedereen die zich in of rond zijn bos ophoudt. Kampeerders of gestrande automobilisten maken het niet lang. Vlakbij het bos ligt een klein afgelegen vissersdorpje waar een pasgetrouwd stel aankomt met een lekke band. Midden in de nacht tijdens een flinke storm krijgen ze onderdak in een hotel. Het oude stel dat het hotel runt lijkt niet geheel op hun gemak. Ze vertellen de twee over een oude zigeunerin die als een kluizenaar in het bos woont met haar misvormde zoon en een dochter die niemand ooit ziet. Ook krijgen ze een gratis geschiedenisles over de Normandische kust waar het dorpje aan grenst. Kennelijk waren er vijf broers (ook al blijkt uit de flashback dat er toch zeker één zus bij zat, tenzij de film zijn tijd ver vooruit was natuurlijk) die eeuwen geleden valse vuren aanstaken om schepen op de rotsen te laten varen en zo de goederen te jutten en eventuele overlevenden te vermoorden en van hun bezittingen te ontdoen. Tijdens een extreme storm laten de broers het schip El Condor stranden, een Spaans schip dat uit Egypte kwam. Waarom het via de Franse kust naar Spanje voer is een hele goede vraag, al zou dat wel verklaren waarom de kapitein richting een groot vuur voer in plaats van de kustlijn te ontwijken. Echter schijnt het schip mede door de zware regenval zo het strand op gevaren te zijn, over de vijf broers heen en zijn deze met het schip nooit teruggevonden. De oude vrouw en haar kinderen in het bos blijken afstammelingen van de broers te zijn. Later die nacht wordt de aandacht van de jonge vrouw gewekt door geschreeuw van het oudere echtpaar. Er blijkt ook een demonisch paard over het platteland te zwerven dat zorgt voor onheil. De oude man is overigens volledig gekleed in een camouflage outfit en een shotgun. Kennelijk is dit volledig normaal in Frankrijk want er is niemand die er naar vraagt. De jonge vrouw (niemand heeft een naam in de film) gaat poolshoogte nemen en wordt aangevallen door het paard (lees: de vrouw kijkt naar rechts, het paard hinnikt en gaat een keer op zijn achterpoten staan). Geschrokken rent ze naar de auto en vertrekt met piepende banden. De optie om gewoon terug het hotel in te gaan is kennelijk de stomste van de twee en als je nog maar net getrouwd ben kan je echtgenoot kijken wat ie verder doet. De auto komt echter niet ver en de vrouw is gedwongen door het bos te zwerven. Vanaf hier krijgen we te maken met een spookschip uit een berg (via een erg matige miniatuurscène), een mummie, en een levende dode. De zus van de misvormde nazi is namelijk dood, maar wordt tot leven gewekt door een mummie. Hoe deze twee elkaar kennen blijft een mysterie, ook waarom de zus als twee druppels water op de jonge vrouw uit het hotel lijkt wordt niet uitgelegd.

Geen paniek, de film is dusdanig onsamenhangend dat spoilers bijna onmogelijk zijn. Devil Story is waarschijnlijk het beste te omschrijven als een nachtmerrie, aangezien droomlogica het enige is wat de film nog een beetje kan redden. Bernard Launois zegt in een van de extra’s dat hij de film ook voor de internationale markt heeft gemaakt en de Amerikanen wilde verslaan met hun eigen spelletjes. Dat dit niet helemaal gelukt is is een understatement. Het is de eerste en tevens laatste horrorfilm van de regisseur en schijnt de enige horrorfilm te zijn opgenomen in Normandië. De film is er eentje die je wil kijken met vrienden die ook genieten van een film als Troll 2, al heeft die film nog een beetje een coherent plot. Dat is hier volledig het raam uit, al is er met een beetje fantasie wel wat van te maken.

Het beeld is wel scherp aangezien de film een 4k scan kreeg van de originele 35mm film. De leeftijd is er af te lezen maar dat geeft juist wat meer karakter aan het geheel. We kunnen deze rariteit aanschouwen in de originele Franse taal als Il Etait une Fois… Le Diable of met de Engelse dub als Devil Story (Ook Once Upon a Time… The Devil). De Mono soundtrack is voor het overgrote deel perfect te verstaan, al zijn er enkele korte stukken waar het geluid plots erg zacht wordt. De extra’s zijn moeite waard en geven je net wat meer inzicht in hoe zoiets als dit bestaansrecht kreeg. Een making of en een interview met de regisseur worden afgerond met enkele scènes die voorzien zijn van commentaar en een originele trailer.

Als je fan bent van waanzin op je scherm, je je niet stoort aan scènes die te lang doorgaan en van nacht naar dag springen, hele rare dialogen en het ontbreken van een budget, is dit er zeker een om een keer gezien te hebben. De groeiende cultstatus van Devil Story is ergens wel te begrijpen en misschien zet ik hem wel op tijdens een van mijn Halloween marathons met gelijkgezinden…

Resurrection (Vinegar Syndrome) – Lambert doet een Pittje

Ah, de 90’s… Flitsende montages, pompende techno beats, fletse kleuren, het waren niet per se de meest interessante jaren wat film betreft. Toch heeft het decennium een paar meesterwerken gelanceerd. Denk aan Silence of the Lambs en Se7en. Die laatste is de grootste inspiratiebron geweest voor Resurrection.

Plot: De vastberaden rechercheur Prudhomme (Christopher Lambert) krijgt de meest vreselijke zaak uit zijn carrière. Samen met zijn partner moet hij op zoek naar een seriemoordenaar met een gruwelijke werkmethode. De moordenaar neemt steeds één lichaamsdeel van zijn slachtoffers mee en kerft Romeinse cijfers in de rest van het lichaam. Langzamerhand komt Prudhomme erachter dat de zeer intelligente moordenaar een luguber scenario heeft bedacht: hij wil het lichaam van Christus ‘herbouwen’ voor de verrijzenis.

Je mag de film uit 1999 gerust een ‘budget versie’ noemen van de film van David Fincher. We moeten het bijvoorbeeld doen met Christopher Lambert (Highlander) in plaats van Brad Pitt en Russell Mulcahy als regisseur. Dat laatste is juist voor ondergetekende reden nummer één om deze film opnieuw te ontdekken. Mulcahy heeft namelijk wat 80’s pareltjes op zijn naam staan, zoals Razorback (1984) en natuurlijk de eerdere samenwerking met Lambert: Highlander (1986).

Dat Vinegar Syndrome Resurrection uitbrengt mag op zich ook wel bijzonder noemen aangezien het label films uit de eind jaren 90 niet meteen uitbrengt. Toch heeft Resurrection een soort van cultstatus opgebouwd. Dit is voornamelijk te danken aan de lachwekkende knipoog richting Se7en en de behoorlijk ‘in your face’ gore. Op een of andere manier moest Mulcahy Finchers film overtreffen en doet dat wat het grafische materiaal betreft doeltreffend. De kills zijn behoorlijk grof en de ontknoping eentje die je nog best wel bijblijft. Wat dat betreft wordt er met Resurrection hetzelfde doel nagestreefd als Se7ven dat doet en het feit dat dat lukt is best knap te noemen.

Resurrection gaat met deze release van Vinegar Syndrome een tweede leven tegemoet. Een die de film eigenlijk wel verdient. Het extreem houterige acteerwerk van Lambert verdient het om opnieuw ontdekt te worden, net als het typische jaren 90 camerawerk en montage. Resurrection is een typisch product van zijn tijd en ook voor gorehounds een film om herontdekt te worden. Resurrection biedt meer horror dan zijn inspiratiebron. De schijf is bovendien regiovrij en dus vrij toegankelijk voor Europese spelers.

Tough Guys Don’t Dance (Vinegar Syndrome) – “Oh man! Oh God!”

Tough Guys Don’t Dance is nou niet een film die ik uit mezelf zo snel zou opzetten. Toen ik zag hoe deze nieuwste release van Vinegar Syndrome weer met veel zorg is uitgegeven, werd ik toch wel nieuwsgierig. Laat het maar aan Vinegar Syndrome over om een vergeten film in de spotlights te zetten.

Plot: Tim Madden (Ryan O’Neal) is een schrijver die aan lager wal is geraakt. Als zijn vrouw hem verlaat besluit Tim het op een zuipen te zetten. Hij houdt dit lang vol, maar op een ochtend wordt hij wakker met een kersverse tatoeage op zijn arm. Hierop staat de naam Madeline, zijn ex-vriendin. In zijn auto ligt kleding met een plas bloed en tussen zijn verstopte voorraad weed ligt een afgehakt hoofd van een vrouw. Tim kan zich niets herinneren en besluit zelf op onderzoek te gaan. Hij wordt hierbij lastig gevallen door de lokale sheriff, die samenwoont met Tim’s ex. Langzaam begint Tim zich te herinneren wat er is gebeurt en stort hij zich in een duister complot van corruptie, haat, hebzucht en geweld.

Tough Guys Don’t Dance opent heel rustig met de lege straten van het kuststadje Provincetown in Massachusetts. Je krijgt een mooie indruk van het normaal gesproken drukke toeristisch plaatsje. De film speelt zich af in het laagseizoen. De toeristen zijn weg en achter de deuren van Provincetown speelt zich een ingewikkeld liefdesverhaal af. Schrijver en regisseur Norman Mailer baseerde de film op zijn gelijknamige boek. Provincetown speelt een belangrijke rol in het werk van Mailer. Hij heeft er gewoond en ligt er ook begraven. In het boek en de film worden ook gebeurtenissen beschreven die echt hebben plaats gevonden. In de jaren ’60 teisterde namelijk seriemoordenaar Tony Costa de kuststreek van Provincetown. Hij vermoorde en onthoofde verschillende vrouwen. In Though Guys Don’t Dance draait het niet om een seriemoordenaar, maar wordt Tim Madden wel geconfronteerd met de onthoofding van een vrouw. 

Norman Mailer wist voor zijn film bekende Cannon producers Menahem Golan en Yoram Globus te strikken, vooral bekend voor hun explosieve actie B-films met sterren als Chuck Norris en Charles Bronson. Though Guys Don’t Dance is alleen geen actiefilm, maar moet het meer hebben van de noir-setting, de bijzondere personages en het moordmysterie en dat allemaal in een kleine stad als Provincetown. Met de release heeft de film heeft het zwaar gehad. De slechte recensies en een tegenvallende boxoffice zorgde ervoor dat Tough Guys Don’t Dance flopte. Mailer ontving zelfs de Golden Raspberry Award voor slechtste regisseur. In de loop der jaren  heeft de film wel een cult status gekregen. Dat komt met name door de uitspraak “Oh man! Oh God!” van hoofdrolspeler Ryan O’Neal, dat uitgroeide tot een bekende internetmeme.

In tegenstelling tot andere Vinegar Syndrome releases in Tough Guys Don’t Dance niet regiovrij. Voor het afspelen van deze Regio A Blu-ray heb je dus een regiovrije Blu-rayspeler nodig. Deze release van Vinegar Syndrome zit ook weer boordevol extra’s, die ervoor zorgen dat je de achtergrond van een film beter begrijpt. Aan de kijker een keuze om hier ook gebruik van te maken. Ik kan van dit soort extra’s altijd wel genieten. Historicus Justin Bozung geeft tijdens de film uitgebreid commentaar over Norman Mailer, maar ook over het boek en natuurlijk de film. In de feature ‘You Don’t Have To Make Me Any Nuttier’ geeft acteur Wings Hauser een gloednieuw interview en haalt hij persoonlijke herinneringen op. Cameraman John Baily vertelt in ‘Shooting in Helltown’ dat hij fan was van Mailer’s boeken. Hij was blij dat hij mee mocht doen aan de film die op locatie is geschoten. In ‘My Dad in Motion‘ worden nog meer persoonlijke herinneringen opgehaald tijdens de opnames van de film door Michael Mailer, de zoon van Norman Mailer. In het online interview ‘A Crazy, Wild, Spooky Movie’ praat de schrijver van Mailer’s biografie over de speciale relatie die Mailer had met het stadje Provincetown. In een oude feature ‘Norman Mailer in Provincetown’ komt de schrijver en regisseur ook nog zelf aan het woord. Natuurlijk mag de trailer en een alternatieve  omkeerbare cover bij deze uitgave niet ontbreken. 

Tough Guys Don’t Dance mag misschien niet de beste verfilming zijn van een boek van Norman Mailer. Toch blijf je kijken, omdat je wil weten wat er allemaal die nacht is gebeurd. Mailer pakt dit door de manier waarop hij het verhaal vertelt slim aan. De film is niet echt een vergeten parel uit de jaren 80, maar zo volledig als de Vinegar Syndrome is de film nog nooit uitgebracht.   

Auntie Lee’s Meat Pies (Vinegar Syndrome)

En ik maar denken dat ik alles wel zo’n beetje heb gezien in het genrewereldje. Vinegar Syndrome steekt daar alweer een stokje voor. Ditmaal niet met een film die terecht in de vergetelheid is geraakt, maar met een film die echt veel meer aandacht verdient. Auntie Lee’s Meat Pies is een geweldig werkje met een sterrencast bestaande uit o.a. Karen Black en Pat Morita. Pat ‘Karate Kid’ Morita!

Plot: Net buiten het kleine dorpje Penance, bakt Auntie Lee haar populaire vleestaarten. Ze doet dit samen met vier van haar nichten en de simpele klusjesman Larry die voor haar Ranch zorgt. Het hoofdingrediënt voor de taarten? Mannen die langs de Ranch komen, worden door de nichtjes naar binnen gelokt en eindigen in de taarten. Een New Yorkse detective, Harold Ivers, is op zoek naar een vermiste man. Samen met de enige politieagent uit het dorp ontdekt hij dat Larry zich vreemd gedraagt. Zal het de agent en de detective lukken om Auntie Lee’s werk te stoppen?

Dat Auntie Lee’s een vergeten film is bewijst ook het aantal stemmen op Nederlands grootste filmsite MovieMeter. Dat is namelijk 0. Tot nu dan, want ondergetekende mocht de eerste stem voor de film uitbrengen. Bizar, want een film met Karen Black, Pat Morita en ook nog eens genre lieveling Michael Berryman moet toch wel enige bekendheid hebben? Op DVD en op VHS is hij moeilijk te vinden. Dan houdt het al snel op natuurlijk. Maar daar komt dan Vinegar Syndrome to the rescue met een release die er mag wezen.

Auntie Lee’s is in tegenstelling tot bijvoorbeeld het ultra low-budget Winterbeast een film die tot zijn recht komt op Blu-ray. Regisseur Joseph F. Robertson probeert er een heus visueel werkje van te maken, zeker in het laatste half uur. Onze slachtoffers, een stel onnozele motorrijders, vallen ten prooi aan de mooie dames van Auntie Lee in kleurrijke ruimtes die zo uit een kermis lijken te komen. De set decoration is boven niveau voor een dergelijke film wat de film net wat extra’s geeft.

Maar het meest memorabele is toch wel de cast, met Pat Morita voorop als Chief Koal. Het is even wennen om Mr. Miyagi in een genrefilm als deze bezig te zien. Uit de extra’s blijkt dat Morita wel een persoon moet zijn geweest zoals we hem kennen uit The Karate Kid. Beleefd, degelijk en vooral wijs. Dit sijpelt ook weer door in zijn rol als agent en ook in bijvoorbeeld zijn kantoor op het politiebureau. Dat moest op een bepaalde manier ingericht zijn zodat hij zijn Japanse achtergrond kon eren.

Auntie Lee’s is een echte aanwinst van Vinegar Syndrome. Een film die echt gezien moet worden door liefhebbers van genrefilms uit eind jaren 80, begin jaren 90.