Tagarchief: Jason Voorhees

IOAM Boekclub: Crystal Lake Memories

“If you truly love film, I think the healthiest thing to do is not read books on the subject”

-Werner Herzog

Ik begrijp wat meneer Herzog bedoelt, toch zijn er een aantal hele mooie exemplaren over het door ons zo geliefde onderwerp; de genrefilm. In deze rubriek wil ik er een aantal uitlichten. Nu we toch op locatie zijn, doen we er nog maar eentje over de man met het hockeymasker…

Crystal Lake Memories is een gigantisch boek. 320 pagina’s met foto’s, interviews en weetjes, allemaal volledig in kleur. Auteur Peter M. Bracke heeft zo ongeveer iedereen die maar iets te maken heeft of heeft gehad met de franchise geïnterviewd. Elke film wordt netjes besproken in een eigen hoofdstuk inclusief de crossover Freddy vs Jason, maar exclusief de remake aangezien die drie jaar na het verschijnen van dit boek uitkwam.

Peter is ruim drie jaar bezig geweest met de interviews, het doorspitten van de archieven bij Paramount en New Line en zijn eigen gedachten over Jason Voorhees en de aantrekkingskracht van de Friday franchise op papier te zetten. Dit resulteert in meer dan 200 exclusieve interviews, 600 zeldzame foto’s, storyboards, concept art en nog veel meer. Dit boek is zo ongeveer de bijbel van elke zichzelf respecterende Friday the 13th fan (of slasherfans in het algemeen) en is het geld meer dan waard. Op het moment dat je het boek uit hebt wil je het eigenlijk gelijk weer lezen, al was het alleen maar omdat je de enorme hoeveelheid informatie maar voor een fractie hebt opgeslagen.

De afwerking van het boek is degelijk. Zwaar, glossy, mooie dustcover, iets wat je eigenlijk verwacht voor klassiekers als Citizen Kane of The Godfather. Het geeft “ons genrefans” een beetje het gevoel dat het toch meer is dan hersenloos vermaak, al is het natuurlijk gewoon grappig, soms een beetje eng maar bovenal goor nostalgisch plezier. Bracke weet dit en geeft dit perfect weer in zijn boek. Het is ook bij uitstek geschikt voor handtekeningen en vaak hoor je dan ook “ooooh, the book!” op conventies en dergelijke events van de acteurs. Het is een van mijn favoriete boeken in mijn collectie en al is het gedrukt met een oplage van 5000 zijn ze nog steeds wel verkrijgbaar voor een hele goede prijs. Kortom, een aanrader voor fans van het eerste uur of nieuwe liefhebbers. Een aanwinst voor op je salontafel!

IOAM Boekclub: Friday the 13th Props Museum

“If you truly love film, I think the healthiest thing to do is not read books on the subject”

-Werner Herzog

Ik begrijp wat meneer Herzog bedoelt, toch zijn er een aantal hele mooie exemplaren over het door ons zo geliefde onderwerp; de genrefilm. In deze rubriek wil ik er een aantal uitlichten. We beginnen deze tocht door de krochten van mijn bibliotheek op zomerkamp…

Ergens in Duitsland is de privé collectie van verzamelaar Mario Kirner uitgegroeid tot een heus museum. De collectie is volledig door hem opgebouwd en bestaat voornamelijk uit stukken afkomstig uit Friday the 13th part VI tot en met de remake. Aangezien het een privé collectie betreft is het niet vrij toegankelijk. Om de fans toch te laten meedelen is Mario ooit een website begonnen. Helaas is deze gehackt en is uit de lucht gehaald. Tegenwoordig biedt Facebook uitkomst maar nu is er ook een prachtig boek uitgekomen; Friday the 13th Props Museum.

Met een voorwoord van Jason Parker (fridaythe13thfranchise.com) en Peter M. Bracke (Crystal Lake Memories) hebben we met Mario Kirner een soort heilige drieeenheid van Friday the 13th enthousiastelingen. Kirner neemt ons mee op een reis door zijn collectie en met anekdotes, informatie en weetjes krijgen we een geschiedenislesje Camp Crystal Lake. 150 pagina’s vol hoge resolutie foto’s en enkele uitklapbare pagina’s brengen een ode aan de SFX tovenaars die Jason Voorhees (soort van) tot leven brachten op het grote scherm.

Elke film vanaf deel zes heeft zijn eigen hoofdstuk en het is overzichtelijk opgedeeld. Uiteraard zien we de bekende maskers en kostuums, maar ook bouwtekeningen, scripts met scenes die nooit geschoten zijn, foto’s achter de schermen en nog veel meer. Mocht je na al deze informatie ook willen beginnen met verzamelen is er een hoofdstuk gewijd aan hoe te beginnen maar ook waar je op dient te letten wil je niet opgelicht worden. De laatste pagina’s zijn speciaal gereserveerd voor handtekeningen. Al ben ik daar jaren geleden eens mee begonnen in Crystal Lake Memories.

Het is een stevig boek, met een goede kwaliteit papier. De glanzende pagina’s voelen dik aan en al staan er een paar kleine foutjes in is het een prachtig geheel geworden. De dustcover is wel een must aangezien de cover zelf verder geen opdruk heeft. Het is een must have voor fans van de franchise, maar ook voor verzamelaars van props. Het boek is verkrijgbaar via de propstore.

Friday the 13th Props Museum – The Book

Mario Kirner verzamelt al ruim 15 jaar screen used props uit de Friday the 13th franchise. Ondertussen is zijn collectie uitgegroeid tot een heus museum dat hij op internet tentoonstelde via zijn website. Helaas is deze site ondertussen onbereikbaar door een virus. Gelukkig heeft Fridaythe13thfranchise.com zich ondertussen beschikbaar gesteld om weer het een en ander te kunnen bekijken. Nu is er een boek in aantocht met meer dan 150 full colour pagina’s waaronder ongeveer 10 uitvouwbare pagina’s met volledige kostuums. Naast wat waarschijnlijk het meest iconische masker is uit de moderne horrorfilm krijgen we ook de kans om het leeuwendeel van de non-profit collectie te zien en wat informatie te lezen over de props uit de franchise. Mocht dat nog niet genoeg zijn is het voorwoord geschreven door twee autoriteiten op Voorhees gebied: Jason Parker, webmaster van Fridaythe13thfranchise.com en Peter M. Bracke, auteur van een klein werkje genaamd Crystal Lake Memories.

Op 3 november vindt de officiële lancering van het boek plaats op de Weekend of Hell. Een van Europa’s grootste horrorconventies is natuurlijk een geweldige plek om zo’n feestje te vieren. Naast Mario Kirner is ook Rod Lane aanwezig. Ik heb het niet over het vriendje van Tina uit ‘die andere franchise’ maar over een artiest die een geweldige poster heeft gemaakt voor een nieuwe documentaire The Dark Heart of Jason Voorhees. Lane maakte illustraties voor het boek en maakt acte de presence bij de stand. Voor de mensen die niet kunnen wachten, hier zijn 100 exemplaren in de voorverkoop, genummerd en gesigneerd. Via deze weg heb je Friday the 13th Props Museum nog voor de officiële datum in handen. Het boek heeft een hardcover en komt met een dustcover. Uiteraard volgt een volledige recensie zodra wij een exemplaar in handen hebben. It’s Only a Movie is aanwezig op de Weekend of Hell. Gaan wij nog lezers spotten in november?

IOAM podcast #22: Friday the 13th

Johan en ik hebben het al gehad over de Halloween- en Child’s Play serie. Tijd om het te hebben over mijn favoriete serie, die van Friday the 13th! Wij bespreken niet alleen de films tot en met Jason X, maar uiteraard ook de cross-over met Freddy en de remake.

Wel nog even een kleine correctie: wij gaan er in de podcast vanuit dat Kane Hodder gestalte geeft aan Jason vanaf deel 6, dit moet uiteraard deel 7 zijn. Ook blijkt het dat de zak over Jasons hoofd daadwerkelijk een kussensloop is!

De slasherfilm: een messcherpe analyse – Tom’s special

Eind jaren ’70 en begin jaren ’80 werd het bioscooppubliek geconfronteerd met een ware revolutie in de filmwereld: de slasherfilm. Deze films lokten massaal veel volk naar de bioscoop met een rechtlijnige formule waarin geweld en naakt niet geschuwd werden. Ze werden ingeblikt voor weinig geld, maar zorgden voor enorm veel inkomsten waardoor vele regisseurs hun kans zagen om een graantje mee te pikken. En zo ontstond een korte maar krachtige hype die een hele resem door critici verguisde horrorfilms voortbracht.

Het begrip slasherfilm wordt vandaag nog steeds te pas en te onpas in de mond genomen. Vaak worden horrorfilms waarin het bloed rijkelijk vloeit onterecht gebrandmerkt als zijnde een “slasher”. Geen wonder dat daar dan veel misverstanden over gaan circuleren, vooral op Internet en in tal van lijstjes. Dit artikel heeft als doel om deze misverstanden voorgoed uit de wereld te helpen, op een toegankelijke en begrijpbare manier.

Eigenlijk is een slasherfilm heel eenvoudig te herkennen, want het genre wordt door objectief waarneembare conventies afgebakend waar slechts in beperkte mate van afgeweken kan worden. Hieronder een overzicht van de genretypische ingrediënten, toegelicht aan de hand van de film Halloween (1978), die als blauwdruk voor de slasherfilm geldt.

vlcsnap-2012-03-07-18h42m40s156
Michael Myers, koel en genadeloos

De moordenaar:

De moordenaar is altijd het uitgangspunt van de slasherfilm, want zonder moordenaar geen moorden en dus geen film. In Halloween is die moordenaar het horroricoon Michael Myers. In de openingsscène zien we hem als zesjarig jongetje zijn oudere zus vermoorden nadat ze met haar vriendje geflikflooid heeft. Wie tussen de lijnen leest zou dit als een soort straf voor losbandig gedrag kunnen interpreteren. Niet onbelangrijk: Michael draagt hierbij een halloweenkostuum inclusief masker. Dat masker zet hij pas af als zijn ouders met de auto thuiskomen en hem aantreffen in de voortuin. Roerloos aanschouwen zij hun zoontje dat met een bebloed mes wezenloos voor zich uitstaart.

Michael zit dan 15 jaar vast in een instelling waar hij onder toezicht staat van dr. Loomis. Gedurende zijn internering zegt hij geen woord. Later in de film verwijst Loomis naar hem met de woorden “the blackest eyes, the devil’s eyes”. Dit suggereert een bovennatuurlijke kracht die wordt bevestigd door volgende zaken: 1) Michael ontsnapt om onverklaarbare reden uit de instelling en kan zonder dit ooit geleerd te hebben probleemloos autorijden. 2) Michael verschijnt op alle mogelijke momenten in beeld. Het lijkt wel alsof hij uit het niets komt, plots weer verdwijnt, om dan weer ergens anders op te duiken waar hij zijn potentiële slachtoffers stalkt. Dit wordt esthetisch ondersteund door het efficiënte point-of-view shot dat vanuit het standpunt van de moordenaar filmt. 3) Michael lijkt puur fysiek over onmenselijke krachten te beschikken. Zijn derde slachtoffer tilt hij met één hand in de lucht waarna hij hem met de andere hand doodsteekt en vasthecht aan de muur. 4) Terwijl zijn slachtoffers lopen, wandelt Michael rustig op hen af. Koel en beheerst. Hoewel hij zich merkbaar trager voortbeweegt, is hij toch sneller dan zijn slachtoffers. Deze wetenschappelijke contradictie wijst alweer op bovenmenselijke krachten. 5) Michael overleeft drie aanslagen. De eerste met de priem in de hals, de tweede met zijn eigen mes dat Laurie Strode hem afhandig heeft gemaakt en de derde met een kogelregen van dr. Loomis. Ook dit suggereert weer een bovennatuurlijke kracht. Michael is niet te stoppen, wat ook blijkt uit de slotscène waarin hij plotseling verdwenen is nadat hij volgepompt met lood uit een raam naar beneden is gevallen. En dit is meteen een cliffhanger naar het tweede deel toe.

De getraumatiseerde Jason Voorhees
De getraumatiseerde Jason Voorhees

Het motief:

Het motief van de moordenaar is rechtstreeks terug te leiden tot a) een trauma dat hij in zijn jeugd heeft opgelopen of b) als reactie op het feit dat jongeren zijn territorium binnendringen. Vaak wordt dit expliciet getoond – zoals in Friday the 13th (1980), waar Jason wraak neemt voor zijn verdrinkingsdood, op zijn terrein, namelijk in Camp Crystal Lake – soms gesuggereerd en soms in het ongewisse gelaten, zoals in Halloween. Wel zien we in de premisse van Halloween dat Michael om een onbekende reden zijn zus vermoordt. Wanneer hij terugkeert naar Haddonfield wil hij iedereen vermoorden die hetzelfde losbandige seksuele gedrag stelt als zijn zus destijds met haar vriendje.

Het masker/de vermomming:

Waarom dragen moordenaars in slasherfilms steeds een masker? In zekere zin creëren maskers een bepaalde spanning tussen de moordenaar en zijn slachtoffer – door hem te ontmaskeren weet het slachtoffer voor wie het al die tijd op de vlucht is. Naar het publiek toe lijkt het enkel een iconische herkenningsfunctie te hebben aangezien de identiteit van de moordenaar vaak ver op voorhand geweten is. Niet altijd trouwens, want er zijn genoeg slashers waar het doek pas op het einde valt. Maar neem de drie grote franchises Halloween, Friday the 13th en A Nightmare on Elm Street (1984) en je ziet dat het masker louter een herkenningsfunctie heeft naar het publiek toe. Dit werd nadien commercieel uitgebuit met een gigantische merchandising. In sommige slasherfilms dienen maskers ook om een verminkt gezicht als gevolg van een jeugdtrauma (bijvoorbeeld door pesterijen van de latere slachtoffers) te verbergen.

Het wapen:

In het geval van Halloween een keukenmes. Veelal worden steekwapens gebruikt in slasherfilms, in de eerste plaats omdat ze pijnlijke, brutale en naarmate het genre evolueert ook erg spectaculaire moorden opleveren. We zien dat door de jaren heen het wapenarsenaal van de moordenaar steeds gevarieerder wordt en niet louter meer bestaat uit steekwapens. Sommige bronnen hebben het ook over het steekwapen als symbool voor de fallus waarbij de dominantie van de moordenaar benadrukt wordt.

My Bloody Valentine
My Bloody Valentine, feestdaghorror

De feestdag:

Halloween, een Amerikaanse gecommercialiseerde feestdag waarop de doden gevierd worden. De feestdag is voor de moordenaar een soort markering in de toekomst waar hij jaren met onmenselijk geduld naar uitkijkt en waarop hij na al die jaren uiteindelijk terugkeert naar de plaats van zijn trauma om zijn belagers, of mensen die hij hiermee kan identificeren, voorgoed om zeep te helpen. In Halloween keert Michael na 15 jaar terug naar Haddonfield, het gezellige familiestadje waar hij destijds zijn zus heeft vermoord. Zijn slachtoffers bestaan uitsluitend uit personages die dezelfde gedragingen stellen als zijn zus en haar vriendje destijds. Andere slashers die zich afspelen op een feestdag (of een dag die gekoppeld is aan een of ander geloof of bijgeloof) zijn bv. Friday the 13th, My Bloody Valentine, April Fool’s Day, enzovoort.

De onmachtige ordediensten:

Vaak is één van de slachtoffers of potentiële slachtoffers gelinkt aan iemand van de ordediensten. Dit gaat veelal om een politieagent, maar kan ook om een gezaghebbend figuur gaan. In Halloween heb je zowel de vader van een van Laurie’s vriendinnen als Michaels psychiater, Loomis. Door het opvoeren van dergelijke personages wordt onder de potentiële slachtoffers de illusie van veiligheid gewekt. Maar niets is minder waar, want ondanks verwoede pogingen van deze personages om het onheil een halt toe te roepen, slagen zij er nimmer in om een bloedbad af te wenden. De politiepatrouilles in Halloween brengen weinig soelaas en Loomis komt overal een stap te laat.

Op het einde van Halloween doorzeeft Loomis Michael weliswaar met kogels, maar als hij vervolgens uit het raam kijkt, ontdekt hij dat Michael is opgestaan en verdwenen. Ook hier komt weer die bovennatuurlijke kracht tot uiting.

De slachtoffers:

Vaak worden slachtoffers, en zeker in Halloween, tijdens of na de seksuele daad vermoord. In de openingscène zien we hoe Michaels zus seksuele betrekkingen heeft met haar vriendje. Wanneer hij het huis verlaat, steekt Michael haar neer met het mes dat hij uit een keukenlade heeft genomen. Door de jaren heen bestond het slachtvee in slasherfilms bijna altijd uit losbandige tieners wiens activiteiten draaien om drie zaken: seks, drank en drugs. Als zij tijdens deze activiteiten op een bloederige manier om het leven worden gebracht, lijkt dit een subtiel moraallesje van de filmmaker te zijn. Sommige bronnen beamen dit, anderen ontkrachten dit door statistisch aan te tonen dat slechts de helft van de moorden in slasherfilms tijdens of na deze activiteiten gebeurt. Je zou ook kunnen zeggen dat het eerder een toevalligheid is die voortvloeit uit het afbeelden van hoe jongeren zich gedragen of hoe de filmmaker denkt dat jongeren zich gedragen, zonder hier een diepere betekenis aan te willen koppelen. Maar er is altijd één uitzondering, namelijk de final girl.

Laurie Strode, de final girl
Laurie Strode, de final girl

De final girl:

In Halloween is dit Laurie Strode, gespeeld door Jamie Curtis. Al bij haar eerste scène blijkt dat ze anders is dan de rest. Uit de conversatie met haar vader leren we dat ze er probleemloos mee instemt om te helpen bij huishoudelijke karweitjes. Als even later naar haar betrokkenheid tegenover het studeren en haar verlegenheid tegenover jongens (er wordt gesuggereerd dat ze nog maagd is) wordt verwezen, weet de kijker dat Laurie de meest verantwoordelijke is van haar vriendenkliekje. Uiteindelijk is zij ook de enige tiener die de aanvallen van Michael Myers overleeft (omdat ze nog maagd is?). Sterker nog, ze biedt zelfs veel weerwerk door hem twee keer te vloeren. Hieruit zou je kunnen afleiden dat haar verantwoordelijkheidszin een soort heroïsche compensatie is voor Michaels bovennatuurlijke krachten en dat ze daarom de enige is die de strijd met hem aandurft en ook daadwerkelijk aankan.

Het is uiteraard zo dat latere slasherfilms variaties bieden op een van deze elementen (vb. final boy ipv girl of een moordenaar zonder masker), maar in principe kan je stellen dat bovenstaande ingrediëntenmix de noodzakelijke basis is alvorens we kunnen spreken van een slasherfilm.

Hoewel Halloween dus officieus als blauwdruk van de slasherfilm geldt, waren er eerdere films die een onmiskenbare invloed hadden op het genre.

Om te beginnen Alfred Hitchkcocks Psycho (1960), waarin eenzaat Norman Bates onwetende reizigers naar zijn aftands motel lokt om ze vervolgens aan zijn mes te rijgen. Deze prent heeft binnen de horrorcinema een klimaat gecreëerd waarin ongeveer voor het eerst een menselijke villain werd opgevoerd, die op zijn beurt een weerspiegeling was van de verbrokkelende sociale cohesie in de Amerikaanse samenleving. Dit in tegenstelling tot de mythische monsters uit de Hammer en Universal studio’s. De befaamde douche-scène was omwille van de uitvoering en stilistiek dan weer een heuse inspiratiebron voor het betere slice&dice-werk.

Peeping Tom, voorloper op de slasherfilm
Peeping Tom, voorloper van de slasherfilm

Peeping Tom (1960) betekende zowat het einde van regisseur Powells carrière. Voornamelijk omwille van de waarheidsgetrouwe en dus controversiële benadering van hoe een seriemoordenaar zijn slachtoffers filmt tijdens het sterven. De point-of-view cameratechniek die een gevoel creëert van “het roofdier dat zijn prooi besluipt” werd later in tal van slasherfilms overgenomen. 
A Bay of Blood (1971) van Mario Bava werd in de hoogdagen van de Italiaanse giallo uitgebracht, maar kent met de vele door steekwapens afgeslachte jongeren een bepaald stramien dat we later steevast terugvinden in Amerikaanse slasherfilms. 
The Texas Chainsaw Massacre (1974) van Tobe Hooper waarin enkele jongeren het territorium betreden van een dolgedraaide slachter met een masker van mensenhuid. Allemaal gaan ze voor de bijl – of in dit geval kettingzaag – behalve de maagdelijke final girl die uit de klauwen van Leatherface en zijn familie weet te ontsnappen.
Minstens even belangrijk was wellicht Black Christmas (1974) waarvan naast de point-of-view camera en de daaruit volgende suspense ook de hoge body count en de creatieve uitvoering van de moorden essentieel waren in de geijkte formule die met Halloween geperfectioneerd werd. 
Alice, Sweet Alice (1976) mag dan geen echte formulefilm zijn wegens het religieuze zwaartepunt en het ontbreken van domme tieners, maar heeft met een gemaskerde en met een mes bewapende moordenaar beslist enkele raakvlakken met de slasherfilm.

Scream, de heropleving van het slashergenre
Scream, de heropleving van het slashergenre

Zoals eerder gezegd beleefde de slasherfilm hoogdagen aan het eind van de jaren ’70 en het begin van de jaren ’80. Medio jaren ’80 doofde het genre echter langzaam maar zeker uit. Af en toe kwam er nog wel een stuiptrekking tot halverwege de jaren ‘90 het genre nieuw leven werd ingeblazen door Wes Craven die met Scream (1996) zowel een persiflage als ode bracht aan het genre dat hij ooit mee groot had gemaakt. Het gevolg was een bescheiden aantal films die de gekende formule hanteerden om de kijkers naar de bioscopen te lokken. Bekendste voorbeelden zijn de sequels van succesvolle franchises (zoals Halloween en Scream), I Know What You Did Last Summer (1997) en Urban Legend (1998), tot men na de eeuwwisseling op het lumineuze idee kwam om horrorklassiekers als The Texas Chainsaw Massacre, Halloween en Friday the 13th te recycleren. Vandaag wagen onafhankelijke regisseurs zich nog regelmatig aan slasherfilms zoals Hatchet (2006)Fritt Vilt (2006)Gutterballs (2008)Laid to Rest (2009) ofSweatshop (2009), echter veelal zonder het commerciële succes van weleer te evenaren.